Ambtskostuums op Prinsjesdag

Mijn ouders besloten pas laat een televisie te kopen. Daarom keken mijn zusjes en ik vaak televisie bij buurkinderen. Uiteraard kinderprogramma’s op woensdag- en zaterdagmiddag, maar ook plechtige gebeurtenissen, zoals het voorlezen van de troonrede op Prinsjesdag. Bij zo’n gelegenheid zag ik voor het eerst beelden van Koningin Juliana. Wat voor beeld ik van een koningin in mijn hoofd had, weet ik niet, maar ondanks dat ze op een troon zat, was ik diep teleurgesteld. Ik zei dan ook hardop dat ik de koningin lelijk vond. De buurkinderen vertelden mij vervolgens op dreigende toon dat ik voor deze uitspraak zou worden opgepakt en in de gevangenis gegooid. Daar werd ik toch even zenuwachtig van en heb minstens 1 nacht slecht geslapen.

Uiterlijk

Of me bij die gelegenheid aan het uiterlijk van andere aanwezigen in de Ridderzaal wat bijzonders is opgevallen, herinner ik me niet meer. Terwijl er in de tijd waarover ik het heb, begin zestiger jaren, toch interessante kleding te bewonderen was. Kleding die werd gedragen door mannelijke aanwezigen die nog vasthielden aan de traditie van het dragen van het ambtskostuum. Zo is het zeer waarschijnlijk dat ik minister Luns, minister van Buitenlandse Zaken, in zijn ambtskostuum gezien heb. Ook leden van de Raad van State hebben het lang volgehouden in vol ornaat in de Ridderzaal te verschijnen.

Ambtskostuums
Minister van Buitenlandse Zaken Joseph Luns betreedt de trappen van paleis Huis ten Bosch - onbekend - 1967 - Coll Nat Arch

Ambtskostuums

We zijn er natuurlijk wel aan gewend dat iemand die een bepaalde functie vervult, daar ook een bijpassend uniform bij aan heeft. De stewardess die je in een vliegtuig een drankje serveert of de kassamedewerker in de supermarkt zijn daar voorbeelden van.

Ook overheidsfunctionarissen hadden een uniform, al werd dat in die kringen het ambtskostuum genoemd. In 1815 heeft onze eerste koning, Koning Willem I hiervoor de kledingvoorschriften vastgelegd. Hierbij werd bepaald dat ‘Alle hoogere en lagere burgelijke ambtenaren, welke costumen hebben, zullen dezelve moeten dragen, wanneer zij ten Hove verschijnen. Wordende onder het woord costume geene andere verstaan, dan dezulke, welke door Zijne Majesteit zijn geaccordeerd’. Het uiterlijk van de ambtskostuums is sindsdien door de koning of koningin geformuleerd in Koninklijke Besluiten, waarvan de laatste uit 1948 dateert. Ieder ambt heeft zijn eigen groot- en klein kostuum; het grootkostuum is gala.

Ambtskostuum van Hendrikus Colijn, C. Meuven & Zoon, 1925 - 1926 - Coll Rijksmuseum
Ambtskostuum van Hendrikus Colijn, C. Meuven & Zoon, 1925 - 1926 - Coll Rijksmuseum

Steken

Een prachtig onderdeel van de galaversies van de ambtskostuums vormden de zogeheten tweekantige steken op het hoofd van de ministers, Kamerleden en andere Prinsjesdagdeelnemers. Dit soort hoofddeksel heb je in twee uitvoeringen: met de voor- en achterzijde omgeslagen (denk aan de steken van Napoleon) of met linker- en rechterzijde omgeslagen.

Amtskostuums
Steek van minister Jan van den Tempel met struisvogelveer, anoniem, 1939 - Coll Rijksmuseum

Over die laatste variant hebben we het hier. Omdat het binnenwerk van de steek van soepel materiaal was gemaakt, kon het hoofddeksel plat onder de arm worden gedragen.

Steek van minister Jan van den Tempel met struisvogelveer, anoniem, 1939 - Coll Rijksmuseum
Zwarte tweekantige steek van ambtskostuum lid Eerste Kamer gedragen door W.F. Lichtenauer - 1935 - Coll Museum Rotterdam

Op Prinsjesdag zien we in de Ridderzaal (en dit jaar in de Koninklijke Schouwburg) geen steken meer, maar in de stoet nog wel. Aan weerszijden van de Glazen Koets lopen lakeien met tweekantige steken aan weerszijden van de Glazen Koets, terwijl de koetsier een driekantige steek draagt.

Kostuum lakei met tweekantige steek
Kostuum lakei met tweekantige steek
Kostuum koetsier met driekantige steek
Kostuum koetsier met driekantige steek

Dresscode vandaag de dag

De mannelijke aanwezigen op Prinsjesdag worden nu geacht in jacquet te verschijnen. Dat is een driedelig kostuum dat bestaat uit een jas, een broek en een gilet. De jas heeft korte revers en boogvormige of rond weggesneden panden. Vanwege dat schuin weglopen van de panden wordt het jacquet ook wel een billentikker of penguinjas genoemd.

De broek, die we natuurlijk eigenlijk pantalon moeten noemen, is grijs gestreept zonder omslag. Onder het effen grijze gilet, wordt een wit overhemd gedragen met dubbele manchetten en een liggende boort. Om het geheel compleet te maken, komt daar nog een grijze das bij.

Na de Tweede Wereldoorlog waren de dragers van ambtskostuums tijdens Prinsjesdag in de minderheid. De kleding van de mannen is dus in de loop der jaren steeds minder kleurrijk geworden. Het zijn nu de vrouwelijke kamerleden, ministers, staatssecretarissen en genodigden die met hun hoeden en hoedjes de show stelen.

Andere leuke verhalen rond Prinsjesdag en andere belangrijke data vertel ik je tijdens mijn stadswandelingen en fietstours.

Zie voor historische beelden deze film van Prinsjesdag 1918

Vind je dit een leuk artikel, deel het via:

Deel op email
Deel op facebook
Deel op whatsapp
Deel op linkedin
Deel op twitter

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Stadsgids Jacqueline Alders
Persoonlijk, met humor!

Wil je een seintje krijgen bij nieuwe artikelen? ​

Meest recente blogberichten

Scroll naar top